Een vliegend hart

Gustav wilde vliegen, de grond onder zich laten en over de hoge muren vluchten. Gustav wilde vrij zijn. In tijden die wat beklemmend kunnen aanvoelen gaan we, net als Gustav, op zoek naar vrijheid. Van de valse vrijheid die we voelen wanneer we dingen kopen tot het plezante gevoel van een glaasje teveel. We vinden vrijheid in de natuur en buitenlucht, in het verleggen van onze fysieke grenzen. We zoeken vrijheid in onze directe omgeving en in onszelf. In creatieve uitlaatkleppen en lange staptochten. We ontsnappen in een serie die we bingewatchen en spelen nieuwe games in één ruk uitspelen.

Plezierpolitie en feestdag-fusies – #16

We werden jarenlang opgekweekt tot trouwe consument, eentje die liefst van al emotioneel shopt in de vorm van impulsaankopen. Maar eindelijk wordt een einde gemaakt aan fun-shopping. Vanaf nu is het functional only. Alle winkels gaan weer open, weliswaar onder strenge voorwaarden, maar niet voor het plezier-shoppen. Stewards moeten daarop toezien. Er wordt niet gelachen in de winkelstraten. Shoppen is vanaf nu terug een puur functioneel iets, maar het wordt die stewards best wel moeilijk gemaakt; mondmaskers verbergen de meeste lachende gezichten.

Burgerplichten en een dissidente samenleving – #15

Er zijn van die mensen die het gevoel hebben dat ze ten allen tijde een voorvechter van het ‘goede’ zijn. Mensen die anderen niet enkel op hun verantwoordelijkheden, maar vooral op hun gebreken wijzen. Dat doen ze meestal niet op de meest, euhm, sympathieke manier. “Ge moet hier wel een mondmasker dragen hé, snotneus!” roept een, vooral zichzelf respecterende, vijftiger.

Negativiteitsmarketing (‘Sad Safari’, dictatuur van de positiviteit) – #14

Temidden een normaal gesprek overvalt me steeds vaker het gevoel dat we in een flashback-scène van een post-apocalyptische film zitten. In een niet-zo-verre grauwe toekomst wandelen we, met volle baard, over verlaten en verwilderde straten. Onze laatste bezittingen in een trekrugzak. FLASHBACK. Een babbel over de gesloten speelgoedwinkels in de Sinterklaasperiode of een mogelijke vervroeging van de avondklok, in afwachting van een vaccin dat de wereld moet redden.

“Zodanig authentiek dat’t plukkevort is”, over valse authenticiteit – #13

Op een brief aan mijn overleden vader, die ik als tekst online had gepost, reageerde iemand: ‘authentiek!’ Toegegeven, het is duidelijk wat die persoon bedoelt, maar toch wat raar dat het als compliment moet dienen.

Nachtraven en vroege vogels (avondklok) – #12

Het mag gezegd zijn, de nieuwe regering en hun nieuwe communicatie missen de bal niet. Eén knuffelcontact (gotta love the word), horeca gesloten en thuiswerk de regel. Allemaal bevattelijk en niet onlogisch om verspreiding te voorkomen. Als daar dan ook de cijfers voor zijn, zoveel te beter. Maar een avondklok? Het lijkt wel of het oorlogstaaltje dat we in coronacontext graag gebruiken die maatregel in de hand heeft gewerkt.

Plichtsmoeheid en anachronismen – #11

Voor wat hoort wat. Zo zijn we opgevoed; je krijgt een snoepje als je flink bent, je staat bij elkaar in het krijt en je ruilt Pokémonkaarten op de speelplaats. Een geheim voor een geheim. We zijn geen volk dat de aanleg heeft om volledig altruïstisch iets voor een ander te doen. Relaties bestaan uit trade-offs, kosten-batenanalyses en het vinden van balansen. En dat blijkt verbazend goed te werken.

Tijdreizen en leefwereldtoerisme – #10

Samen met eindeloos veel fantasie en science-fiction boeken brengen de kwantumfysica en -mechanica ons het concept van parallelle universa. Niet dat ik daar een snars van begrijp. Maar net als parallelle universa bestaan verschillende leefwerelden naast en door elkaar, vaak met grote onderlinge gelijkenissen, maar altijd wat verschil. En verschillende leefwerelden, daar kom ik wel mee in aanraking. Er zijn evenveel variëteiten op de werkelijkheid als er mensen zijn. En hoewel we dat al even weten, wordt het in tijden als deze soms pijnlijk duidelijk. 

Liefde voor West-Vlaanderen (Bekaertdraad) – #9

Ge zijt meer dan een lap grond. Een huid eerder. Zilt aan zee en gegroefd door het verleden. Vol kraters van bommen en kloven van stellingenoorlogen. Zorgvuldig bewerkt de boer zijn land met een dagcrème van mest en pesticiden.

Volwassenen zijn pubers die pubers pubers noemen – #8

Het heeft mij toch wat tijd gekost om mij over de ontgoocheling heen te zetten. Misschien ben ik te lang naïef geweest, en ben ik dat nog steeds vaker wel dan niet. Naïef omdat ik de neiging heb volwassenen als onfeilbaar in te schatten. Ingegeven door zinnen die volwassenen, zonder teveel nadenken, naar hun kinderen smijten: ‘je zal dat later wel begrijpen’, ‘dat mag niet om dat ik dat zeg’ (implicerend dat zij de waarheid kennen). We groeien op met de idee dat volwassenen weten waar ze mee bezig zijn.