De impact van impact (over bullshit jobs) – #4

Spread the love


Toen ik gisteren, na het applaus, mijn blijdschap over de ingang van het verlengde weekend aan de buren verkondigde, keken ze me allemaal wat vreemd aan. Ik ben blij dat het weekend is, want de dagen lijken snel te gaan maar de weken gaan traag. Nog steeds lijkt het alsof er te weinig uren in een dag zijn om alles rond te krijgen, maar het weekend laat telkens op zich wachten. Mensen zijn bezig met dingen waar ze anders weinig tijd voor nemen. Dingen te creëeren, te veranderen, op orde te zetten. We zijn blij met het resultaat en stiekem wat trots op de impact van ons werk.

Wanneer we tijd hebben om bij enkele dingen wat langer stil te staan wordt de impact van onze daden het meest zichtbaar. De impact van ons gedrag op de verspreiding van het virus. De impact van onze kleine kantjes op het samenleven met iemand. En niet in het minst de impact van onze job op onszelf, maar ook op de maatschappij.

In tijden waarin we als gemeenschap erg veel respect tonen voor onze gezondheidswerkers, vakkenvullers en anderen, en geheel terecht, staan heel wat mensen stil bij de impact van hun eigen job. Allez, ik toch. De impact op het leven, persoonlijk, sociaal, financieel, relationeel en professioneel. Maar ook de impact van de job op anderen en de bredere maatschappij: draagt de job bij aan een positieve samenleving of net niet? Kan de job evengoed ook niet uitgeoefend worden en heeft dat dan gevolgen? Mist iemand het feit dat het werk nu niet uitgevoerd wordt? In het beste geval halen we daar voldoening uit, uit het actief bijdragen aan een verandering, hoe groot of klein dan ook. Maar in het ergste geval voelen we ons overbodig. Als de impact van een dag wel of niet gewerkt te hebben nihil is.

Bullshit jobs, zo noemt de Amerikaanse antropoloog Graeber ze. En hij vindt ze vooral terug in het middenkader. Minstens zoveel in de privésector als in de ambtenarij. Vaak sterk overbetaalde profielen die verdacht weinig impact blijken te hebben op het functioneren van het bedrijf, de organisatie of de samenleving. Hij heeft het dan vooral over de financiële sector of binnen financiële diensten en de opgeblazen bubbel die de consultancy-sector is.

Zolang we zelf voldoening halen uit een job, en daarmee het gevoel hebben dat we een positieve impact hebben op enkelen, lijkt het alsof we goed bezig zijn. Niemand kan én de wereld veranderen én gelukkig zijn én iedere dag graag gaan werken.

Je zal nu maar thuiszitten en beseffen dat niemand wacht op je terugkeer. Maar hé, als de impact van de job op jezelf voldoende voldoening geeft, dan is dat al heel wat waard. Maar dit is misschien wel dé uitgelezen kans om van koers te veranderen. Eén ding is zeker: ‘t zal Parijs-Roubaix niet zijn.


<< Volgende———————————————————————————————-Vorige >>

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *